Electro Acupunctuur

Electro Acupunctuur

De geschiedenis
EAV is de afkorting voor Electro Acupunctuur naar Voll. Ze is gebaseerd op de klassieke acupunctuur. De huid heeft op de plaats van een acupunctuurpunt ongeveer 10% minder weerstand.
In 1953 ontdekte de Duitse arts Dr. Schmidt dat pathologisch veranderde organen een overeenkomstige verandering in het betreffende acupunctuurpunt deed ontstaan. Hij bracht het nu zo bekende begrip "Zeigerabfall" naar voren.
Hij ontwikkelde in samenwerking met Ing. Werner een apparaat dat kon meten en behandelen. Dr. Voll heeft door zijn intensieve onderzoeken, een systematische diagnose- en therapiemethode gevonden. Zijn grote verdienste is het toekennen van de organen en orgaandelen aan de meridianen. Hij vond de zogenaamde controlemeetpunten en de sumatie-meetpunten en ontdekte een groot aantal nieuwe punten.
De meting is absoluut pijnloos

Hoe werkt het
Er wordt gemeten met een meetsonde. De patiënt heeft een grote elektrode in een van zijn handen ( - pool). Met het meetapparaat wordt een prikkel afgegeven aan het acupunctuurpunt in de vorm van een gedoseerde meet-stroom. Het orgaan, orgaandeel zal op deze prikkel reageren. Zo kan men een indruk krijgen van de energetische toestand van het orgaan. De meetwaarde is een weerstandsmeting weergegeven op een schaal van 0 tot 100. De normwaarde voor de punten op handen en voeten is 50, maar in het algemeen worden waarden tussen 50 en 70 als normaal beschouwd.

Bij een electroacupunctuurmeting wordt van een representatief aantal punten de meetwaarden verzameld. Vervolgens worden de meetwaarden door de therapeut geanalyseerd, waarna met behulp van de resonantietest met medicamenten, nosoden, allergenen e.d. de diagnose kan worden gesteld. Bij het juiste medicament worden de meetwaarden genormaliseerd. Op deze wijze kan niet alleen een diagnose worden gesteld maar kunnen ook medicamenten worden getest.